ECLI:NL:RBDHA:2018:3901, Rechtbank Den Haag, 23-03-2018, 09/767048-13 — RBDHA:2018:3901
Samenvatting
Mensenhandel. Criminele organisatie. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het - in georganiseerd verband - uitbuiten van meerdere jonge vrouwen in de prostitutie. Verwerping preliminair verweer ten aanzien van schending specialiteitsbeginsel in het kader van overlevering. Geen sprake van een “ander feit” in de zin van het kaderbesluit. Van schending van het specialiteitsbeginsel is dan ook geen sprake. Verwerping verweer ten aanzien van de geldigheid van de dagvaarding voor zover deze ziet op de criminele organisatie. De dagvaarding is voldoende duidelijk en is dan ook geldig. Juridisch kader mensenhandel. Naar het oordeel van de rechtbank is voor artikel 273f, eerste lid, sub 9 van het Wetboek van Strafrecht niet vereist dat daadwerkelijk van bevoordeling sprake is geweest. De tekst van sub 9 biedt ruimte voor die opvatting. Bovendien komt een dergelijke uitleg tegemoet aan de strekking van de strafbaarstelling van mensenhandel, te weten het belang van behoud van iemands geestelijke en lichamelijke integriteit en persoonlijke vrijheid. Immers, door met een dwangmiddel iemand ertoe te bewegen hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen met of voor een derde is daarmee diens geestelijke integriteit en persoonlijke vrijheid reeds geschonden en naar het oordeel van de rechtbank is daarmee het delict voltooid. Overwegingen ten aanzien van de betrouwbaarheid van verklaringen van getuigen. Gebleken is dat tijdens de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte, de beperkingen die aan de verdachte waren opgelegd ten onrechte op andere wijze (aanmerkelijk verzwarend) zijn toegepast door de lokale, Hongaarse autoriteiten. Gelet hierop, en de lange duur van deze verzwaarde beperkingen, zal de rechtbank de duur van de op te leggen straf beperken met twee maanden. Korting van 10 % op de op te leggen straf vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 41 maanden.
Betrokken advocaten
mr. S.M. van der Kallen
verdachte
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBROT:2026:1112, Rechtbank Rotterdam, 27-01-2026, ROT 24/5323
Rechtbank Rotterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBGEL:2024:109, Rechtbank Gelderland, 11-01-2024, AWB- 24_155
Rechtbank Gelderland · Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
ECLI:NL:GHAMS:2023:3786, Gerechtshof Amsterdam, 05-04-2023, 23-001191-22
Gerechtshof Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBZWB:2023:1668, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 02-03-2023, 22-020501
Rechtbank Zeeland-West-Brabant · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
23 maart 2018
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
09/767048-13
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2018:3901