ECLI:NL:RBDHA:2020:1327, Rechtbank Den Haag, 11-02-2020, C/09/588203 / KG RK 20-207 — RBDHA:2020:1327
Samenvatting
Afwijzing wrakingsverzoek. Uit het proces-verbaal wraking blijkt dat verzoeker aan zijn verzoek ten grondslag heeft gelegd dat, kort gezegd, zijn recht op een eerlijk proces, zoals neergelegd in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM), is geschonden, nu de verdediging onvoldoende voorbereidingstijd heeft gehad voor het grote aantal vorderingen van de benadeelde partijen, mede doordat de rechtbank het verzoek tot aanhouding heeft afgewezen en de vorderingen benadeelde partij niet bij voorbaat niet-ontvankelijk heeft verklaard. De wrakingskamer is van oordeel dat de beslissingen om het verzoek tot aanhouding af te wijzen en het bij voorbaat niet oordelen dat de vorderingen niet ontvankelijk zijn procesbeslissingen zijn. De in het wrakingsverzoek aangevoerde grond haalt het criterium, of in die beslissingen de schijn van vooringenomenheid is te zien zoals neergelegd in de rechtspraak van de HR (ECLI:NL:HR:2018:1413) niet. De rechtbank heeft ook steeds aangegeven dat de verdediging om meer tijd kon vragen. Voor zover de verdediging zich thans ter zitting er op beroept dat de bewoordingen van de beslissingen blijk geven van vooringenomenheid ten aanzien van de ontvankelijkheid/toewijsbaarheid van de vorderingen benadeelde partijen op zichzelf, is dat een nieuwe wrakingsgrond. Daarmee is dat verzoek te laat.
Betrokken advocaten
mr. M.C. Ritsema van Eck-van Drempt
openbaar ministerie
mr. M.P.M. Loos
openbaar ministerie
mr. E.F. Brinkman
openbaar ministerie
mr. E.A.G.M. van Rens
verzoeker
mr. L.C. Bannink
verzoeker
mr. P.G. Salvadori
verzoeker
mr. M. van Beeck
verzoeker
mr. F.A. Kuipers
verzoeker
mr. F. Yildiz
verzoeker
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:GHAMS:2023:3107, Gerechtshof Amsterdam, 12-12-2023, 200.310.579/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2022:10450, Rechtbank Den Haag, 12-10-2022, 635020
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht; Verbintenissenrecht
ECLI:NL:RBNHO:2022:6027, Rechtbank Noord-Holland, 29-06-2022, C/15/315171 / HA ZA 21-202
Rechtbank Noord-Holland · Civiel Recht
ECLI:NL:RBDHA:2020:6447, Rechtbank Den Haag, 08-07-2020, C-09-595564-KG ZA 20-617
Rechtbank Den Haag · Civiel Recht
Gegevens
Datum uitspraak
11 februari 2020
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
C/09/588203 / KG RK 20-207
Procedure
Wraking
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2020:1327