ECLI:NL:RBDHA:2025:14211, Rechtbank Den Haag, 29-07-2025, NL25.32889, 25.32888, 25.33078 — RBDHA:2025:14211
Samenvatting
Vernietiging terugkeerbesluit. Bijgevolg is de maatregel van bewaring onrechtmatig. De minister heeft onvoldoende doorgevraagd naar het mogelijke afgeleid verblijfsrecht van eiser als gevolg van zijn relatie met zijn vriendin in België. De rechtbank volgt daarbij het betoog van eiser dat een afgeleid verblijfsrecht op grond van artikel 20 VWEU niet enkel hoeft te zijn aangewezen voor de derdelander die ouder is van een kind dat Unieburger is, maar kan zijn aangewezen voor ieder familielid van de Unieburger, indien zowel deze derdelander als de Unieburger, die een familielid is, gedwongen zou zijn het grondgebied van de Unie te verlaten wanneer dat verblijfsrecht niet wordt toegekend. Verder voert eiser terecht aan dat het begrip “familielid”, gelet op de maatschappelijke opvattingen, tevens de niet-gehuwde partner kan omvatten.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:696, Rechtbank Den Haag, 09-01-2026, NL26.476
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:684, Rechtbank Den Haag, 05-01-2026, NL25.63018
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:24955, Rechtbank Den Haag, 22-12-2025, NL25.59734
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:27124, Rechtbank Den Haag, 17-12-2025, NL25.58694
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
29 juli 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.32889, 25.32888, 25.33078
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:14211