ECLI:NL:RBDHA:2025:21150, Rechtbank Den Haag, 04-11-2025, NL25.35083 — RBDHA:2025:21150
Samenvatting
Maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. In het kader van het zicht op uitzetting is een (ambtshalve) actuele toets van het refoulementrisico (en andere belangen genoemd in artikel 5 van richtlijn 2008/115) door de nationale autoriteit en de bewaringsrechter van belang (Adrar). Niet kenbaar in de maatregel van bewaring gemotiveerd. Belangenafweging op grond van artikel 94, zesde lid, van de Vw 2000.
Betrokken advocaten
mr. W. Vrooman
eiser
mr. S.H.M. Maas
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:515, Raad van State, 02-02-2026, BRS.25.000410
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2026:517, Raad van State, 29-01-2026, 202404578/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:2098, Rechtbank Den Haag, 28-01-2026, NL26.1341
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2026:2099, Rechtbank Den Haag, 28-01-2026, NL26.1342
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 november 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.35083
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:21150