ECLI:NL:RBDHA:2025:23022, Rechtbank Den Haag, 28-11-2025, NL24.30496 (beroep) en NL22.4753 (voorlopige voorziening) en NL24.30986 (beroep) en NL22.4747 (voorlopige voorziening) — RBDHA:2025:23022
Samenvatting
Deze uitspraak gaat over de afwijzingen van de aanvragen van eisers. Eisers zijn het niet eens met de afwijzingen van de aanvragen. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzingen van de aanvragen. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat verweerder de aanvraag van eiser heeft mogen afwijzen, omdat eiser geen geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) heeft en niet in aanmerking komt voor een van de vrijstellingsgronden. Eiser heeft niet aangetoond dat hij voldoet aan de voorwaarden voor een verblijfsvergunning voor verblijf als zelfstandig ondernemer. Op grond hiervan heeft verweerder de aanvraag van eiseres voor verblijf bij eiser (haar echtgenoot) ook mogen afwijzen. Eisers krijgen geen gelijk en de beroepen zijn dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Betrokken advocaten
mr. A.E. van der Burg
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:297, Raad van State, 19-01-2026, 202504299/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:27113, Rechtbank Den Haag, 19-12-2025, NL25.17854
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23373, Rechtbank Den Haag, 02-12-2025, NL24.14870
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5723, Raad van State, 27-11-2025, 202400269/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
28 november 2025
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL24.30496 (beroep) en NL22.4753 (voorlopige voorziening) en NL24.30986 (beroep) en NL22.4747 (voorlopige voorziening)
Procedure
Voorlopige voorziening+bodemzaak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:23022