ECLI:NL:RBDHA:2026:1217, Rechtbank Den Haag, 20-01-2026, NL24.27169 — RBDHA:2026:1217
Samenvatting
Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag van eiser om een verblijfsvergunning voor verblijf bij partner. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat verweerder ten onrechte geen belangenafweging als bedoeld in artikel 17 van de Gezinsherenigingsrichtlijn heeft gemaakt. Daarnaast heeft verweerder ten onrechte niet beoordeeld of de afwijzing van de aanvraag op grond van het mvv-vereiste in strijd is met het Unierechtelijk evenredigheidsbeginsel. Verweerder heeft ook niet goed gemotiveerd waarom de belangenafweging bij de boordeling of eiser zijn gezinsleven in Nederland moet kunnen uitoefenen, in het nadeel van eiser uitvalt. Tenslotte is de rechtbank van oordeel dat verweerder had moeten beoordelen of er sprake is van een risico op refoulement. Uit het arrest Ararat kan niet worden afgeleid dat verweerder het refoulementrisico niet hoefde te beoordelen omdat eiser niet eerder een asielprocedure heeft doorlopen. Het refoulementverbod moet bij ieder terugkeerbesluit worden geëerbiedigd. De rechtbank volgt verweerder ook niet in zijn subsidiaire standpunt dat van het terugkeerbesluit alleen kan worden afgezien als er aanstonds, en zonder diepgaand onderzoek, onmiskenbaar blijkt dat er sprake is van een risico op refoulement. Voor deze wijze van toetsen van het risico op refoulement biedt de Terugkeerrichtlijn[1] geen aanknopingspunten. De rechtbank komt tot het oordeel dat verweerder, met betrekking tot het besluit dat eiser moet terugkeren naar Iran, niet goed heeft gemotiveerd dat eiser bij terugkeer geen risico loopt op refoulement. Eiser krijgt gelijk en het beroep is dus gegrond.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:70, Rechtbank Den Haag, 05-01-2026, NL25.20578 en NL25.20579
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2025:6446, Raad van State, 24-12-2025, 202401367/1/A3
Raad van State · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23822, Rechtbank Den Haag, 11-12-2025, NL25.27567
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:25576, Rechtbank Den Haag, 11-12-2025, SGR 24/8837 en AWB 24/1433
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
20 januari 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL24.27169
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:1217