ECLI:NL:RBDHA:2026:1931, Rechtbank Den Haag, 03-02-2026, NL25.49289 — RBDHA:2026:1931
Samenvatting
Asiel Syrië, artikel 15c Kwalificatierichtlijn. De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht stelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat de vroegere problemen met de Al Massalma clan opnieuw een probleem zullen zijn bij terugkeer. De minister heeft de problemen die eiser voor het eerst in de correcties en aanvullingen naar voren brengt terecht niet gevolgd. Ten aanzien van de veiligheidssituatie in Syrië stelt de rechtbank vast dat eiser geen bronnen heeft overgelegd die een ander beeld geven dan het AAB Syrië of de cijfers van Syria Weekly. Ook heeft eiser geen individuele omstandigheden naar voren gebracht die maken dat hij persoonlijk een verhoogd risico loopt om slachtoffer te worden van algemeen geweld en een reëel risico loopt op ernstige schade. Het beroep is ongegrond.
Betrokken advocaten
mr. L.J.E. Altdorf
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2026:722, Rechtbank Den Haag, 15-01-2026, NL24.51864
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:20664, Rechtbank Den Haag, 05-11-2025, NL25.27548
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:7053, Rechtbank Amsterdam, 23-09-2025, AMS 25/5215
Rechtbank Amsterdam · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:3452, Rechtbank Amsterdam, 08-05-2025, 13/005043-25
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
3 februari 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.49289
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:1931