ECLI:NL:RBDHA:2026:5697, Rechtbank Den Haag, 04-03-2026, NL25.1787 en NL24.24081 — RBDHA:2026:5697
Samenvatting
Eiser heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier onder de beperking 'arbeid als zelfstandige' ingediend. Verweerder heeft deze aanvraag afgewezen. De rechtbank is van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de aanvraag niet aan de RvO is voorgelegd. Ook is de hoorplicht geschonden. Het beroep is gegrond.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RVS:2026:297, Raad van State, 19-01-2026, 202504299/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23373, Rechtbank Den Haag, 02-12-2025, NL24.14870
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:23022, Rechtbank Den Haag, 28-11-2025, NL24.30496 (beroep) en NL22.4753 (voorlopige voorziening) en NL24.30986 (beroep) en NL22.4747 (voorlopige voorziening)
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
ECLI:NL:RVS:2025:5723, Raad van State, 27-11-2025, 202400269/1/V3
Raad van State · Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Gegevens
Datum uitspraak
4 maart 2026
Instantie
Rechtbank Den HaagRechtsgebied
Bestuursrecht; VreemdelingenrechtZaaknummer
NL25.1787 en NL24.24081
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:5697