Juristi.nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:7630Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

Rechter vernietigt afwijzing asielaanvraag Somalische man — RBDHA:2026:7630

asielrecht / geloofwaardigheidsbeoordeling asielaanvraag / Al-Shabaab / Somalië

Eiser / verzoeker

Somalische asielzoeker (naam geanonimiseerd)

VS

Verweerder / gedaagde

Minister van Asiel en Migratie

Beroep gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag vernietigd; de minister moet een nieuw besluit nemen.

  • De minister las ten onrechte een tegenstrijdigheid in de verklaringen van eiser over de 'promotie van vrede en veiligheid': eiser verklaarde consistent dat het Al-Shabaab was die die kwalificatie aan de wedstrijd verbond, niet hijzelf.
  • De geloofwaardigheidsbeoordeling onder WI 2024/6 is alleen rechtmatig als na toetsing aan de vijf cumulatieve voorwaarden alsnog een integrale weging van alle feiten en omstandigheden plaatsvindt; de rechtbank zag in dit geval geen aanleiding dat dit was nagelaten.
  • De discriminatie wegens stamafkomst (Galadi-minderheid) werd geloofwaardig geacht maar niet als daad van vervolging aangemerkt, omdat eiser niet zodanig werd beperkt in zijn bestaansmogelijkheden dat hij onmogelijk kon functioneren.
  • De minister trok hangende de procedure het terugkeerbesluit in dat onderdeel uitmaakte van de meeromvattende beschikking.
  • De rechtbank heropende het onderzoek om ambtshalve te toetsen aan het arrest Chavez-Vilchez, dat ziet op verblijfsrecht van derdelanders met een gezinsband met EU-burgers.

Samenvatting

Een man uit Somalië vroeg in maart 2024 asiel aan in Nederland. Hij stelde te zijn bedreigd door de islamitische terreurbeweging Al-Shabaab, nadat hij in 2017 had deelgenomen aan een armworstelwedstrijd. Volgens Al-Shabaab was die wedstrijd een actie ter promotie van vrede en veiligheid in Somalië — iets wat de organisatie als vijandige samenwerking met de overheid beschouwt. De man werd daarna in 2019 tweemaal telefonisch bedreigd en vluchtte vervolgens via Mogadishu naar het buitenland. Naast de Al-Shabaab-problemen stelde hij ook te zijn gediscrimineerd vanwege zijn afkomst uit de Galadi-minderhedenstam.

De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag in november 2025 af als ongegrond. De identiteit, nationaliteit en herkomst van de man werden geloofwaardig geacht, evenals de discriminatie wegens zijn stamafkomst. Die discriminatie was echter volgens de minister niet ernstig genoeg om als vervolging te worden aangemerkt. De gestelde problemen met Al-Shabaab werden als ongeloofwaardig beoordeeld, omdat de verklaringen van de man tegenstrijdig zouden zijn. Met name zou hij wisselend hebben verklaard over de vraag of tijdens de armworstelwedstrijd daadwerkelijk werd gepromoot voor vrede en veiligheid.

De rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, ging daar niet in mee. De rechter analyseerde zorgvuldig de verklaringen die de man tijdens zijn gehoren had afgelegd. Weliswaar had hij aanvankelijk gezegd een man via een microfoon te hebben horen roepen dat het land veilig was, maar later verklaarde hij dat diezelfde man dit nooit letterlijk had gezegd. Dat is op zichzelf tegenstrijdig, erkende de rechtbank. Maar de minister wierp de man iets anders tegen: tegenstrijdigheid over de vraag of hij zelf had gehoord dat de wedstrijd diende als promotie voor vrede en veiligheid. En daarin zag de rechtbank geen echte tegenstrijdigheid. De man had juist consequent verklaard dat het Al-Shabaab was die die kwalificatie aan de wedstrijd verbond — niet hijzelf of de organisatoren. Zijn uitleg dat hij de uitlatingen van de microfoonman had geïnterpreteerd als een manier om meer toeschouwers te trekken, was consistent met de rest van zijn verhaal.

De rechtbank bekeek ook de vraag of de minister een correcte geloofwaardigheidsbeoordeling had uitgevoerd onder de nieuwe werkinstructie WI 2024/6. Die instructie werkt met vijf cumulatieve voorwaarden. Eiser had betoogd dat er geen echte integrale beoordeling plaatsvond: als aan één criterium niet wordt voldaan, zou de aanvraag direct als ongeloofwaardig worden afgewezen, zonder dat alle elementen in samenhang worden gewogen. De rechtbank stelde vast dat dit een reëel risico is dat in strijd kan zijn met Europees recht, maar zag in dit concrete geval geen aanleiding te oordelen dat de minister die integrale beoordeling had nagelaten.

Tijdens de procedure werd ook ambtshalve gekeken naar het Europese arrest Chavez-Vilchez, dat ziet op verblijfsrecht voor derdelanders die een gezinsband hebben met EU-burgers. De minister trok bovendien het terugkeerbesluit dat onderdeel was van de beschikking in.

Al met al oordeelde de rechtbank dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. De motivering van de minister over de ongeloofwaardigheid van de Al-Shabaab-problemen schiet tekort. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het bestreden besluit, waardoor de minister opnieuw op de aanvraag moet beslissen.

Betrokken advocaten

mr. I.M. Hidding

eiser

Inge Hidding Advocaat, DIEVER

mr. J. Kaikai

verweerder

Betrokken rechters

Gerelateerde uitspraken

Gegevens

Datum uitspraak

2 april 2026

Zaaknummer

NL25.58090

Procedure

Eerste aanleg - enkelvoudig

ECLI

ECLI:NL:RBDHA:2026:7630

Bekijk op rechtspraak.nl

Recente uitspraken

Rechter wijst spoedmaatregel asielzoeker af na Dublin-overdracht
Rechtbank Den Haag·2 apr 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Nigeriaanse man verliest beroep tegen terugkeerbesluit
Rechtbank Den Haag·2 apr 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter wijst voorlopige voorziening Jordaanse asielzoeker af
Rechtbank Den Haag·2 apr 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Jordaanse man verliest beroep tegen afwijzing tweede asielaanvraag
Rechtbank Den Haag·2 apr 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Rechter vernietigt afwijzing asielaanvraag Somalische man die nooit in Somalië woonde
Rechtbank Den Haag·2 apr 2026
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht