ECLI:NL:RBROT:2014:6458, Rechtbank Rotterdam, 31-07-2014, rot 13/4751 en rot 13/6362 — RBROT:2014:6458
Samenvatting
De rechtbank is van oordeel dat de inspecteur terecht tot het oordeel is gekomen dat de situatie in het ziekenhuis ter zake van de afdeling cardiologie zodanig acuut en ernstig was dat het nemen van maatregelen op basis van een plan van aanpak niet kon worden afgewacht, zodat de inspecteur bevoegd was tot het geven van een bevel als bedoeld in artikel 8 van de Kwaliteitswet zorginstellingen. Hoewel het bevel voor de cardiologen grote consequenties had, heeft de rechtbak geoordeeld dat de inspecteur in de gegeven omstandigheden het patiëntbelang zwaaarder heeft mogen laten wegen dan de belangen van de cardiologen. Daarbij acht de rechtbank het van belang dat de werking van het bevel was beperkt tot een duur van zeven dagen. De rechtbank is daarnaast van oordeel dat de minister heeft kunnen besluiten het bevel van de inspecteur te verlengen. Omdat de minister over de duur van de verlenging en de mogelijkheid van in de toekomst te verlenen zorg door de cardiolgen geen overwegingen heeft gewijd kan het besluit van de minister niet in stand blijven. De minister wordt opgedragen hierover een niew besluitte nemen.
Betrokken advocaten
mr. R. Bal
eiser
mr. J.G. Sijmons
eiser
mr. J.A.E. van der Jagt-Jobsen
eiser
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBDHA:2025:25603, Rechtbank Den Haag, 23-12-2025, SGR 24/4809
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBOVE:2025:6023, Rechtbank Overijssel, 13-10-2025, ak_24_3714
Rechtbank Overijssel · Bestuursrecht
ECLI:NL:CBB:2025:387, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 22-07-2025, 24/7
College van Beroep voor het bedrijfsleven · Bestuursrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:11619, Rechtbank Den Haag, 30-05-2025, AWB - 25 _ 2070
Rechtbank Den Haag · Bestuursrecht
Gegevens
Datum uitspraak
31 juli 2014
Instantie
Rechtbank RotterdamRechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
rot 13/4751 en rot 13/6362
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2014:6458