ECLI:NL:RBNHO:2025:11911, Rechtbank Noord-Holland, 16-10-2025, 15/145825-20 (ontneming) — RBNHO:2025:11911
Samenvatting
Ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel gebaseerd op artikel 36e lid 3 Sr. De rechtbank volgt het ontnemingsrapport niet voor zover de berekening ziet op bancair ontvangen gelden. Hoewel aannemelijk is geworden dat de veroordeelde(n) enig bancair ontvangen wederrechtelijk voordeel hebben genoten, kan de rechtbank op basis van de rapportage niet vaststellen wat de omvang daarvan is. Aangezien de rapportage te veel aannames en onzekerheden bevat, ziet de rechtbank geen mogelijkheid om een schatting te maken van het bancair ontvangen voordeel aan de hand van een kostenpercentage. De rechtbank zal het bancaire bedrag daarom niet meenemen in de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel. De rechtbank maakt gebruik van de methode van eenvoudige kasopstelling. Schending van de redelijke termijn is voldoende gecompenseerd door matiging van de opgelegde straf in de gelijktijdig behandelde strafzaak.
Betrokken advocaten
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:RBNHO:2025:14163, Rechtbank Noord-Holland, 04-12-2025, 15.038642.20 (P)
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
ECLI:NL:RBDHA:2025:19990, Rechtbank Den Haag, 30-10-2025, 09-319225-24
Rechtbank Den Haag · Strafrecht
ECLI:NL:RBAMS:2025:8150, Rechtbank Amsterdam, 17-10-2025, 13-997088-19 (A), 13-997001-22 (B)
Rechtbank Amsterdam · Strafrecht
ECLI:NL:RBNHO:2025:11908, Rechtbank Noord-Holland, 16-10-2025, 15/145825-20
Rechtbank Noord-Holland · Strafrecht
Gegevens
Datum uitspraak
16 oktober 2025
Instantie
Rechtbank Noord-HollandRechtsgebied
StrafrechtZaaknummer
15/145825-20 (ontneming)
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
ECLI
ECLI:NL:RBNHO:2025:11911