ECLI:NL:CBB:2026:26, College van Beroep voor het bedrijfsleven, 27-01-2026, 23/1194 — CBB:2026:26
Samenvatting
Accountantstuchtrecht. Eerder heeft het College al geoordeeld dat het strafrecht en het tuchtrecht naast elkaar kunnen worden ingezet. Dat de accountantskamer in haar (tuchtrechtelijke) oordeel over het handelen van de accountant verwijst naar het oordeel van de rechtbank Amsterdam, betekent niet dat geen eigen beoordeling, met toepassing van het tuchtrechtelijke toetsingskader, door de accountantskamer heeft plaatsgevonden. Het College onderschrijft het oordeel van de accountantskamer dat de accountant door gedurende een langere periode facturen met valse informatie in het maatschappelijk verkeer te hebben gebracht en/of betaald, hij in ernstige mate de fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit heeft geschonden. Een doorhaling waarbij de termijn wordt bepaald op vijf jaar acht het College hier, anders dan de accountantskamer, passend en geboden.
Betrokken advocaten
Jagersma Advocatuur, AMSTELVEEN
mr. D.E. Kruimel
openbaar ministerie
Betrokken rechters
Gerelateerde uitspraken
ECLI:NL:HR:2025:99, Hoge Raad, 17-01-2025, 22/04746
Hoge Raad · Bestuursrecht; Belastingrecht
ECLI:NL:RBOBR:2024:6256, Rechtbank Oost-Brabant, 10-12-2024, C/01/409730 / KG ZA 24-595
Rechtbank Oost-Brabant · Civiel Recht
ECLI:NL:GHAMS:2024:877, Gerechtshof Amsterdam, 09-04-2024, 200.316.875/01
Gerechtshof Amsterdam · Civiel Recht
ECLI:NL:GHSHE:2024:506, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20-02-2024, 200.316.171_01 H ( afwijzing)
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · Civiel Recht; Burgerlijk Procesrecht
Gegevens
Datum uitspraak
27 januari 2026
Rechtsgebied
BestuursrechtZaaknummer
23/1194
Procedure
Hoger beroep
ECLI
ECLI:NL:CBB:2026:26